Editie juni 2017

 

Ellen Deckwitz vraagt zich af wat mensen het woord hadden laten betekenen als iemand anders het had getweet.
Rubriek: 
Auteur: 
Ellen Deckwitz

Covfefe

Ellen Deckwitz vraagt zich af wat mensen het woord hadden laten betekenen als iemand anders het had getweet.

Onlangs is er dankzij een bericht van Donald Trump een nieuw woord ontstaan. De president tweette, vlak voor hij naar bed ging, het volgende: ‘despite the constant negative press covfefe’. Waarschijnlijk bedoelde hij ‘coverage’, waardoor zijn bericht letterlijk ‘ondanks de constante negatieve berichtgeving door de pers’ zou betekenen.

Hij keek de tekst echter niet na, knipte zijn mobiel uit en kroop in bed. Tegen de tijd dat  Donald de volgende ochtend zijn haar weer opzette, was covfefe al een ding geworden: het bericht was meer dan 120 duizend keer geretweet. Gedurende de gehele nacht was twitterend Amerika koortsachtig bezig te bedenken wat covfefe zou betekenen.

Onbekende woorden maken onvermoede associaties los.

In eerste instantie was het grappen knallen. Mensen lolden dat Trump bezig was Russisch te leren. Anderen maakten filmpjes met die achteruit pratende dwerg uit Twin Peaks, derden zeiden dat het om lanceercodes ging. Covfefe werd massaal aangevraagd als domeinnaam en als kenteken voor op nummerplaten. Amper een etmaal later gebruikten duizenden het als een koosnaam voor koffie.

Een typo transformeerde binnen dertig uur in een woord: dat is op zich al fascinerend, maar het leukste vind ik het moment waarop men ontdekt dat er een woord is waarvan men de betekenis niet kent en men aan het raden slaat. Ik weet nog dat ik als kind het woord ‘verboden’ hoorde en er dagenlang te verlegen voor was om te vragen wat het betekende. Dat maakte het woord magisch: was het een gerecht? Een handeling? Een hobby? Onbekende woorden maken onvermoede associaties los. Nog steeds worden er essays volgeschreven over waar het woord ‘rosebud’ in Citizen Kane naar verwijst.

Ik vraag me af wat mensen het woord hadden laten betekenen als iemand anders het had getweet.

In het geval van Trump nam niemand het woord echt serieus. Het was een spelfout, meer niet. En toch. Ik vraag me af wat mensen het woord hadden laten betekenen als iemand anders het had getweet. Bij Obama zou men misschien denken dat het een Keniaanse term was die hij van zijn vader had geleerd. Bij Hilary Clinton zou je wellicht eerder vrezen dat het een of ander eng wachtwoord is voor achterkamertjespolitiek. Oftewel: andere presidenten, andere verwachtingen.

Het echt verontrustende aan dit alles is dat Trump de volgende dag covfefe in eigen handen nam. Hij maakte er een raadseltje van: ‘Who can figure out the true meaning of covfefe? Enjoy!’ berichtte hij. Alsof het een prijsvraag was die hij uitschreef, waarmee hij de macht van het woord zichzelf toe-eigende. Hij kwam niet meer terug op zijn tweet over negatieve berichtgeving door de pers waardoor covfefe was ontstaan. Alsof het hem een dag later al niet meer uitmaakte. Alsof niets hem echt uitmaakt, zolang hij maar degene is die bepaalt wat spel is, en wat niet.