Editie december 2014

Rubriek: 
Auteur: 
Patricia De Laet

Nederlands tussen de appeltjes van oranje

Astrid van Winden woont en werkt al 7,5 jaar in Barcelona. ‘Ik ben me hier bewuster van mijn band met de Nederlandse taal. Ik heb altijd gehouden van lezen en schrijven in mijn eigen taal. Hier in Barcelona betekent de Nederlandse taal een groot deel van mijn identiteit.’

Astrid van Winden (35) is een gelukkig mens: ze geeft al bijna 8 jaar Nederlands aan volwassenen aan de Escola Oficial d’Idiomes (EOIBD) in Barcelona in Spanje. De EOIBD is een door de overheid gesubsidieerde talenschool waar je 15 verschillende talen kunt studeren, waaronder het Nederlands. Daarnaast geeft ze op zaterdagochtend Nederlandse les op een Nederlandse school voor kinderen, waar ze ook onderwijscoördinator is.

Hoe ben je in Barcelona in deze job beland?

Ik heb in Barcelona altijd geluk gehad op het gebied van werk. Ik kwam hier met alleen de liefde voor de stad en een goed niveau Spaans op zak, maar er kwamen direct leuke dingen op mijn pad. Zo heb ik de Nederlandse versie ingesproken van de audiotour van Camp Nou (thuisstadion van FC Barcelona). Bij de EOIBD kreeg ik de kans om conversatieles Nederlands te geven. Hoewel eerst onbetaald, genoot ik ervan om op deze grote, professionele talenschool rond te lopen Je ontmoet er allerlei interessante mensen, en op een dag hoor ik zowel flarden van Russisch, Arabisch als Chinees. Ik werk er nog steeds met veel plezier.

Wat is de aantrekkingskracht van het Nederlands in Spanje?

De studenten hebben vaak een persoonlijke reden (omdat ze een Nederlandstalige partner hebben of omdat ze bv. via Erasmus in Nederland of België hebben gestudeerd en contact willen houden met de taal) of ze willen er in hun werk mee aan de slag (er zijn veel Nederlandstalige bedrijven in Barcelona en omgeving). Ook vertalers zoeken hun heil bij ons: in Barcelona is er geen vertaler-/tolkopleiding van en naar het Nederlandse, dus komen deze studenten bij ons. De laatste jaren is het aantal studenten dat Nederlands studeert toegenomen vanwege een gunstiger arbeidsmarktperspectief in Nederland en België.

Cultuur krijgt ongetwijfeld veel aandacht in je lessen?

Ja, met onze afdeling organiseren we regelmatig culturele activiteiten. Vaste prik is het Sinterklaasfeest, waarvoor alle groepen o.a. gedichtjes maken en liedjes zingen. Blij als kinderen gaan ze naar huis met een chocoladeletter van Sint en Piet. Recent hadden we ook een lezing over Vincent Van Gogh, een rondetafelgesprek met vertalers naar en van het Nederlands en de filmvoorstelling van Loft. Voor het komende voorjaar staat een theatervoorstelling en –workshop met de Vlaamse theatergroep Fast Forward op het programma. En we organiseren één keer in het jaar een excursie naar Nederland of België, iets waar studenten vol enthousiaste verhalen van terugkomen.

De studenten zelf zijn trouwens ook een bron van informatie over de Nederlandstalige cultuur. Mooie anekdote: een Colombiaanse student, net vader geworden van een dochter, trakteerde in de les met beschuit met roze muisjes...zijn Nederlandse schoonouders hadden die meegenomen uit Nederland!

Wat zien de studenten als frappante culturele verschillen?

Waar Spanjaarden als vreemd of anders ervaren: het (minder mooie) weer, de vroege etenstijden, broodjes kaas met een glas melk bij het middageten, de ordelijkheid (rechte straten, auto’s netjes op een rijtje), geen gordijnen voor het raam zodat je in de huizen naar binnen kan kijken, ... Een van mijn studenten verwoordt het zo: ‘‘Alles is dicht om 18u. Mensen zijn klaar met werken en iedereen gaat naar huis. In Spanje begint de dag om 18u! Hier is toch meer levendigheid in de avonduren.’ Of ook: ‘Mensen in Nederland zijn heel duidelijk en direct, terwijl direct zijn in de Catalaanse cultuur niet beleefd is.’

Wat ze wel leuk vinden zijn de verjaardagskalender en geboortekaartjes. ‘Ik vind het heel leuk en origineel. Ik geef de verjaardagskalender als een cadeautje aan mijn vrienden in Spanje,’ aldus een studente.

Zijn er bepaalde woorden of uitdrukkingen waar je studenten het moeilijk mee hebben?

Waar veel studenten mee worstelen is het gebruik en de plaats van korte woorden en partikels in een zin. Bijvoorbeeld ‘Wat denk je ervan? Ben je het daar mee eens? Hoe kom je daar nou bij?’. Ook het juiste gebruik van nuancewoordjes als ‘eens’, ‘hoor’, ‘maar’, ‘wel’, ‘even’ is niet evident. Lastig is ook de plaats van het werkwoord in de bijzin, anders dan in het Spaans. Ze struikelen ook over lange samengestelde woorden, zoals gezondheidszorgpsycholoog.

Wat ze wel weer apart vinden in het Nederlands zijn de verkleinwoorden zoals ‘schatje’, ‘tijdje’, ‘weertje’ en woorden als ‘leuk’, ‘lekker’ en ‘gezellig’ (vooral dat laatste is lastig in het Spaans of Catalaans te vertalen). Iets als ‘tsjonge jonge’ proberen de studenten vaak zelf te gebruiken!

‘Ik ben me hier bewuster van mijn band met de Nederlandse taal.’

Hoe was het voor jou om zelf in een vreemde taal te gaan wonen en werken?

In Barcelona heb je te maken met twee talen, het Spaans en het Catalaans. Ik sprak al goed Spaans toen ik hier op mijn 28e kwam wonen, een bewuste keuze want ik wilde hier direct kunnen integreren. Van het Catalaans heb ik inmiddels het C1-diploma gehaald. Hoewel ik het perfect begrijp, spreek ik vrijwel altijd Spaans omdat dat makkelijker is.

Waar ik in het begin geneigd was me zoveel mogelijk aan te passen, heb ik nu juist weer behoefte aan mijn eigen gewoontes. Ik ben me hier bewuster van mijn band met de Nederlandse taal. Hier in Barcelona betekent het Nederlands een groot deel van mijn identiteit. Hoe goed je vreemde talen ook beheerst, je kunt je volgens mij alleen perfect uitdrukken in je eigen taal - genuanceerd, zonder erbij na te denken.

Maar Barcelona is ook erg kosmopolitisch, dus pak ik van veel culturen mee wat ik interessant vind. Ja, ik ben nog steeds erg gelukkig met mijn baan als docent Nederlands in Barcelona!