Editie november 2016

 

De leukste taalverwarringen tussen Vlamingen en Nederlanders
Rubriek: 

Gluren bij de buren

De leukste taalverwarringen tussen Vlamingen en Nederlanders

Gluren bij de buren, de leukste taalverwarringen tussen Nederlanders en Vlamingen. Onder die titel heeft Van Dale een boekje uitgebracht over de ‘subtiele en minder subtiele verschillen’ in het Nederlands van Nederlanders en Vlamingen.

Taalunie:Bericht bladerde door het boekje en zette een aantal opvallende woorden op een rij. Combineer de woorden die in Vlaanderen gangbaar zijn met de woorden die in Nederland worden gebruikt. De letters achter de woorden in Nederland vormen in de goede volgorde een woord. Stuur dat woord in via de reactieknop onder dit artikel en maak kans op het boekje.

In Vlaanderen

  1. Applausvervanging
  2. Bibbergeld
  3. Bolwassing
  4. Dikoor
  5. Kazakdraaier
  6. Kleed
  7. Leefloon
  8. Pistoolschilder
  9. Plooifiets
  10. Remgeld
  11. Geldautomaat
  12. Heel erg
  13. Bons, hoge heer
  14. Bijziend
  15. Grote winkelstraat
  16. Uitgedost
  17. Baanvak
  18. Volumewagen
  19. Uitgaansgelegenheid
  20. Wijsheidstand

In Nederland

  • Bijstandsuitkering - E
  • Bof - E
  • Eigen bijdrage - N
  • Flappentap - G
  • Gevarentoeslag - A
  • Hartstikke - S
  • Hotemetoot - C
  • Jurk - L
  • Kippig - O
  • Koopgoot - N
  • Lakspuiter - V
  • Opgeprikt - T
  • Opportunist - N
  • Publiekswissel - S
  • Rijstrook - R
  • Schrobbering - M
  • Spacewagon - A
  • Tent - C
  • Verstandskies - T
  • Vouwfiets - I

Geografische variatie

In discussies over wat correct Nederlands is, worden vaak termen als standaardtaal, Standaardnederlands en Algemeen (Beschaafd) Nederlands gebruikt. Wat betekenen deze begrippen eigenlijk? Hoe verhouden geografische varianten zich tot de standaardtaal? Wie bepaalt wat er tot de standaardtaal behoort en wat niet? Zie hiervoor de toelichting van het Taaladviesoverleg van de Taalunie.