Editie oktober 2017

 

Stek is afgeleid van 'omheining met staken'.
Rubriek: 

Plaats, plek en stek

Stek is afgeleid van 'omheining met staken'.

De Taalunie ontvangt regelmatig vragen en suggesties over het Nederlands. In Taalunie:Bericht lichten we er telkens één uit. Dit keer de vraag of in Vlaams-Brabant de woorden plek en stek het oude plaats steeds meer verdringen.

De vraag: Meer dan 70 jaar geleden kende men in Vlaams-Brabant alleen maar plaats. Nadien kwam er plek bij en nog later stek. Kunt u een verklaring geven?

Van: Michel Vandendaelen

Het antwoord

Het Instituut voor de Nederlandse Taal is gespecialiseerd in de herkomst van woorden. Dat geeft aan dat het veel bronnenonderzoek vereist om te achterhalen hoe de ontwikkeling van plaats naar plek naar stek precies verlopen is, als die ontwikkeling er inderdaad is.

Over stek in de betekenis plaats is nog wel iets te zeggen. Uit de oorspronkelijke betekenis ‘omheining met staken’ ontwikkelde zich een betekenis ‘afgepaalde ruimte’, waaruit zich vervolgens weer een betekenis ‘vaste plaats’ ontwikkelde, zoals in visstek. In die betekenis is het woord in Nederland in gebruik. In Nederlandssprekend België, zo blijkt bijvoorbeeld uit gegevens voor het Algemeen Nederlands Woordenboek, heeft het een ruimere betekenis. Het wordt daar veel vaker gebruikt in vaste verbindingen die in Nederland niet voorkomen, zoals ‘zijn stek bevechten’ en ‘ergens zijn stek vinden’.

Of we hier met een specifiek dialectverschijnsel te maken hebben, is twijfelachtig. Ook het Woordenboek van de Brabantse Dialecten lijkt daar niet op te wijzen.

Stek in de algemene betekenis ‘plaats’ is vermoedelijk in geheel Nederlandsprekend België op een bepaald moment in opkomst. Het is wel denkbaar dat dialecten daarbij een rol hebben gespeeld.

Een toelichting op wat tot de standaardtaal behoort en wat niet, vindt u in een toelichting van het Taaladviesoverleg van de Taalunie.

Taaladvies.net geeft antwoord op de vraag over het gebruik van plaats en plek.