Editie oktober 2016

 

De boodschap: blijf Nederlands gebruiken
Rubriek: 

Niet alles Engels, please

De boodschap: blijf Nederlands gebruiken

Steeds meer opleidingen in het hoger onderwijs worden in het Engels aangeboden. Is dat een probleem? De Raad voor de Nederlandse Taal en Letteren (‘we voeren geen kruistocht tegen het Engels’) kijkt kritisch naar die ontwikkeling. Het adviesorgaan van de Taalunie publiceerde onlangs zijn visie op Nederlands als taal van wetenschap en hoger onderwijs. De boodschap: blijf Nederlands gebruiken, naast andere talen, want zo houd je je eigen taal ‘volwaardig’. Het advies in zes vragen.

1. Verengelst het hoger onderwijs?

Ja, maar de grootste stijging vond al enkele jaren geleden plaats. De cijfers in Nederland:

  • 66% van de masteropleidingen aan de universiteiten wordt volledig in het Engels gegeven.
  • Van de bacheloropleidingen aan de universiteit wordt 18% volledig in het Engels gegeven
  • Bij hogescholen is het aantal Engelstalige masteropleidingen 25%.
  • Van de bacheloropleidingen aan de hogescholen is 6% Engelstalig.

In Vlaanderen loopt het aantal universitaire masteropleidingen dat in een andere taal dan het Nederlands (over het algemeen: het Engels) wordt gegeven, momenteel richting de 22%. Het aantal niet-Nederlandstalige universitaire bachelors is bijna 2%.

2. Waarom is het verschil tussen Nederland en Vlaanderen zo groot?

Tot 2012 verbood de Vlaamse regelgeving dat opleidingen meer dan 20% van hun vakken aanboden in een andere taal dan het Nederlands. De regelgeving is nu minder streng. Nu mogen bacheloropleidingen 30 van de in totaal 180 studiepunten in een andere taal geven dan het Nederlands. Masters mogen nu ook volledig in het Engels worden gegeven, maar wel op voorwaarde dat een andere universiteit in Vlaanderen dezelfde studie grotendeels in het Nederlands aanbiedt.

3. Is die verengelsing in het onderwijs zorgelijk?

Ja. Reinhild Vandekerckhove, voorzitter van de Raad en hoofddocent Taalkunde aan de Universiteit Antwerpen stelt voorop vooral geen kruistocht te willen voeren tegen het Engels: ‘Wij zien het belang van het Engels als internationale wetenschappelijke publicatietaal en het belang van het Engels voor de internationalisering van het hoger onderwijs. Maar dat volledige opleidingen zomaar verengelsen, vinden wij wel een punt van zorg. Vaak gebeurt het niet om weldoordachte redenen, maar vanuit commerciële overwegingen. Als het Engels vakinhoudelijk belangrijk is en de afgestudeerden in een internationale context gaan functioneren, hebben wij er geen problemen mee dat de opleiding in het Engels is. 

Wat we echter zien is dat veel studenten nu in het Engels worden opgeleid, terwijl ze nadien in Nederland of Vlaanderen in een Nederlandstalige maatschappij moeten functioneren. Het gevolg is dat zij hun eigen vakterminologie niet meer kennen in het Nederlands en daarover niet kunnen communiceren in het Nederlands. Daar vragen wij aandacht voor. Wij vinden het een democratisch principe dat mensen over hun eigen vakgebied kunnen communiceren voor de maatschappij die daar belang bij heeft.’

4. Waarom is Nederlands in het hoger onderwijs belangrijk?

De meeste mensen die van het hoger onderwijs komen, gaan werken op de Nederlandstalige arbeidsmarkt. Ze moeten daarom over goed taalgebruik kunnen beschikken, goed kunnen denken, goed kunnen analyseren, goed kunnen schrijven en goed hun verhaal kunnen houden. Het ontwikkelen van die vaardigheden doe je het beste en het gemakkelijkste in je moedertaal, de taal die je het beste beheerst; in Nederland en Vlaanderen is dat over het algemeen het Nederlands. Een sterke taalvaardigheid in de eigen taal draagt bovendien bij aan een goede verwerving van andere talen.

Vandekerckhove: ‘Er moet aandacht zijn voor Nederlandse taalvaardigheid. Het is eigenlijk een beetje gek dat studenten op middelbare scholen heel veel Nederlands krijgen en dat dat in het hoger onderwijs opeens niet meer nodig is, terwijl daar juist heel complexe talige competenties van de mensen wordt verwacht. Wij krijgen heel veel signalen dat studenten nood hebben aan extra ondersteuning voor de ontwikkeling van Nederlandse taalvaardigheid.’

5. Wat moet er gebeuren?

De Raad voor de Nederlandse Taal en Letteren vindt Nederlands als instructietaal in het hoger onderwijs belangrijk. Zo wordt de drempel naar het hoger onderwijs laag gehouden, kunnen studenten verder werken aan hun taalvaardigheid in het Nederlands en daarmee aan hun academische vaardigheden, ook in andere talen.

Het is belangrijk dat studenten hun taalvaardigheid blijven ontwikkelen, omdat ze later immers vaak in beroepen terechtkomen waar goede taalbeheersing nodig is. Afgestudeerden zijn ook een schakel tussen wetenschap en maatschappij. Daarbij: als voor nieuwe begrippen geen Nederlandse termen worden ontwikkeld, sterft de taal een stukje af. Dan wordt het Nederlands minder de volwaardige taal die het nu is.

6. Hoe nu verder?

Instellingen in het hoger onderwijs zouden werk moeten maken van een weldoordacht talenbeleid, met een duidelijke rol en positie voor het Nederlands. Vandekerckhove: ‘Wij vinden het een goed idee om meertaligheid in studies in te bouwen. Ga niet blind voor het Engels, maar heb ook aandacht voor Frans en Duits en geef het Nederlands daarin een goede positie.’

De Raad doet nog een paar concrete aanbevelingen: alle bestaande wetenschappelijke kennis moet ook in het Nederlands beschikbaar zijn, en Nederlandstalig onderzoek van hoge kwaliteit moet dezelfde waardering krijgen als Engelstalig kwalitatief hoogstaand onderzoek.

Het adviesrapport en de aanbevelingen worden de komende tijd onder de aandacht gebracht van universiteiten en hogescholen in Nederland en Vlaanderen en hun vertegenwoordigers. In Nederland voert een commissie van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen (KNAW) momenteel een verkenning uit naar taalbeleid in het hoger onderwijs. De Vlaamse Onderwijsraad is met een soortgelijk traject bezig. De visie van de Raad kan deze verkenningen versterken.  

De aanbevelingen van de Raad voor de Nederlandse Taal en Letteren staan in de notitie Nederlands als taal van wetenschap en hoger onderwijs. Eerder verscheen het adviesrapport Vaart met taalvaardigheid.

De Raad voor de Nederlandse Taal en Letteren adviseert het Comité van Ministers over het beleid van de Taalunie. De Raad kan adviezen uitbrengen op verzoek van het Comité of op eigen initiatief en bestaat uit deskundigen op het terrein van de Nederlandse taal, onderwijs, wetenschap, letteren en cultuur. 

De citaten van Reinhild Vandekerckhove zijn gedeeltelijk afkomstig uit een interview dat zij aan VRT Radio 1 gaf.