Editie januari 2016

 

Rubriek: 
Auteur: 
Jan Willem Bloemen

Poëzie: houvast in het leven

De liefde. Ze spraken erover naar aanleiding van het gedicht Het huwelijk van Willem Elsschot. ‘Ik geloof er niet meer in’, bekende een vrouw van in de zeventig. Het antwoord van een man van 65: ‘Onzin, je moet altijd in liefde blijven geloven.'

Sieglinde Vanhaezebrouck, de bevlogen stafmedewerker van Poëziecentrum Gent, vertelt de anekdote graag. Zij is ook leesbegeleider voor het Lezerscollectief, dat kwetsbare groepen in de samenleving kennis laat maken met literatuur. Zij doet dat in De Zuidpoort. Voor een luisterend oor staat er uitnodigend op het raam, maar in de volksmond is De Zuidpoort beter bekend als de vereniging waar armen het woord nemen. ‘Mensen gaan met elkaar in gesprek over de gedichten. Doordat ze over gedichten praten, krijgen ze een breder begrip, er ontstaat verbinding en mensen gaan anders naar hun eigen wereld kijken.‘

Mooie, diepe gesprekken

Een heel mooi project, vindt Sieglinde Vanhaezebrouck: ‘De tekst wordt voorgelezen, we lezen samen, luidop. Het zijn altijd teksten met kwaliteit, want iedereen moet toegang hebben tot literatuur. Is het te moeilijk, dan lezen we de tekst nog een keer. Je hoeft het gedicht niet te begrijpen, je kunt er altijd nieuwe dingen in ontdekken. Dat is mooi aan poëzie, zij hoeft niets. We praten over de gedichten, wat spreekt aan. Je komt heel snel tot mooie diepe gesprekken, die ergens over gaan. Over eenzaamheid bijvoorbeeld, of over de rust van het platteland. Voor de één is dat helend, een andere man vindt dat juist beangstigend. Hij gaf aan dat hij blij was dat hij een poes had, omdat het anders te stil zou zijn.’

'Dat is mooi aan poëzie, zij hoeft niets'

De gedichten maken wel iets los, merkt Sieglinde Vanhaezebrouck. Nee hoor, ik lees niet, beweerde laatst een man. Dat lezen was niets voor hem. Maar na een kwartiertje kwam de man toch naar haar toe met de vraag of zij een kopietje van het gedicht voor hem had. Of neem het verhaal van Jozef. Hij is door het samen lezen van gedichten echt opengebloeid, heeft Sieglinde te horen gekregen. Hij zei nooit wat (hij hield niet van oppervlakkige gesprekken, zei hij later) maar het gedichtenlezen heeft hem de mond geopend. ‘Ik leer weer formuleren, ik heb weer woorden voor wat ik bedoel’, heeft Jozef haar toevertrouwd, met pretlichtjes in zijn ogen.

Dankbare reacties

De kunstwetenschapper (‘dat past prima bij poëzie’) had als jong meisje al grote interesse voor poëzie. ‘Ik vind het heel prettig dat ik daarvan mijn job heb kunnen maken. Ik werk nu tien jaar bij Poëziecentrum, het is geweldig om te doen. We krijgen heel dankbare reacties. Het is niet altijd groot en het staat niet in de krant. We hebben veel te bieden, dan komt een oma bij ons op bezoek om een mooi gedicht te zoeken voor haar eerste kleinkind, dan weer een organisatie die gedichten wil voor een wedstrijd. Kunnen helpen met poëzie, dat geeft veel voldoening.  Ik geniet ervan als het publiek hier na een bijeenkomst napraat over de goede poëzie, aan de bar, gelijkgestemd, onder de gewelfde bogen van dit prachtige gebouw, terwijl de regen zachtjes op het dak tikt, Dat maakt me heel gelukkig!’

'Op grote momenten in het leven grijpen mensen naar poëzie'

Wat haar betreft, kan Poëziecentrum nog steeds groeien. ‘Met enthousiasme, toewijding en een goed verhaal zijn we sterker geworden en ook onze overheid gelooft er in. Het zijn kleine zaadjes die we planten waar nieuwe poëziebloemen uit groeien, en iedereen kan daarvan profiteren. Poëzie kan heel veel betekenen voor individuen en voor de maatschappij. Op de grote momenten in het leven grijpen mensen naar poëzie, bijvoorbeeld bij een geboorte, bij een huwelijk, bij een sterven. Een gedicht geeft inzicht, herkenning, troost en zo houvast in het leven. Dat kan heel louterend werken. Er zijn zoveel soorten van poëzie dat er zeker voor iedereen een gedicht is.‘

Drie voorbeelden

Kinderroutepoëzie

De jeugd heeft de toekomst.  Met een werkboekje in de hand verkennen kinderen de stad Gent. De route is een aaneenschakeling van tien poëtische beelden die bij een plek horen, bijvoorbeeld de snoepwinkel Temmerman en de treurwilgen aan de Lievekaai. Op tien plaatsen stoppen de kinderen en de leerkrachten om met een gedicht te werken en een opdracht te maken. De gedichten van hedendaagse dichters zijn laagdrempelig. De route duurt ongeveer twee uur.

Gedicht als afwezigheidsassistent

Ik ben afwezig

Was ik er geweest dan had ik graag een antwoord gegeven
op wat u net stuurde en u iets uitgelegd over de manier
waarop de hemel boven ons blijft balanceren
als een tent zonder stokken, aangezien
ik daar het nodige van weet.

Dat zijn de eerste regels van een gedicht van Ester Naomi Perquin, dat gebruikt kan worden als afwezigheidsassistent. Zo kun je in stijl laten weten dat je er niet bent. Meer informatie en het volledige gedicht op de website van de Poëzieweek. Je wordt er vrolijk van!

Samen lezen

Gedichten lezen met gevangenen, met psychisch kwetsbaren en met mensen in armoede, zoals Sieglinde Vanhaezebrouck doet in De Zuidpoort in Gent. Want, zo vermeldt het Lezerscollectief: ‘Samen verhalen en gedichten lezen verbindt mensen en maakt hen sterker en weerbaarder.’ Het netwerk van leesbegeleiders, naar voorbeeld van de Britse The Reader Organisation, organiseert leesbijeenkomsten voor mensen die moeilijk toegang hebben tot literatuur.

Poëziecentrum Gent

Poëziecentrum in Gent is een schoolvoorbeeld van wat je kunt doen om poëzie dichter bij de mensen te brengen, zoals het centrum zijn eigen missie omschrijft. Het centrum geeft een eigen krant uit, heeft een shop, is tevens uitgever, beschikt over een uitgebreid documentatiecentrum en organiseert tal van activiteiten, voor allerlei verschillende doelgroepen. Een unieke combinatie in Nederland en Vlaanderen, weet Sieglinde Vanhaezebrouck, al haast ze zich te zeggen dat heel veel spelers ‘mooie dingen’ doen en dat Poëziecentrum samenwerking hoog in het vaandel heeft staan. Meer informatie: www.poeziecentrum.be. Voorbeelden in Nederland: Poetry International en Stichting Perdu.