Editie maart 2015

Reinhild Vandekerckhove
Reinhild Vandekerckhove
Rubriek: 
Auteur: 
Nick Kivits

'Vrouwen zijn linguïstische trendsetters'

Ook binnen de taalwereld zijn er opmerkelijke verschillen tussen mannen en vrouwen. Zo gebruiken mannen vaak sterkere taal dan vrouwen.
Dr. Reinhild Vandekerckhove van de Universiteit Antwerpen onderzoekt deze genderverschillen op taalgebied: 'Ontwikkelingen op taalgebied beginnen bij de vrouw'.

Wissel op een feestje van een bank met kletsende vrouwen naar een statafel met mannen en het valt meteen op: er zijn nogal wat verschillen in de manier waarop vrouwen en mannen een gesprek voeren. En dat heeft niet alleen met het gespreksonderwerp te maken. Mannen spreken onderling meer in dialect en zijn sneller geneigd met scheldwoorden te gaan slingeren, terwijl vrouwen over het algemeen meer versterkers in hun zinnen mengen om dat wat ze zeggen kracht bij te zetten. Kort door de bocht: een vrouw zal iets 'supersaai' noemen, terwijl een man een weinig spannende ervaring zal omschrijven als 'fucking saai'.

Dat contrast is geen toeval, weet professor Reinhild Vandekerckhove van de Universiteit Antwerpen. Als hoofddocent van het Departement Taalkunde houdt ze zich daar bezig met de sociolinguïstische studie van genderverschillen. Daarbij kijkt ze niet alleen naar de manieren waarop het taalgebruik van mannen en vrouwen verschilt, maar zoekt ze ook naar oorzaken.

‘Mannen zijn een stuk competitiever in hun taalgebruik.’

Ritueel verbaal conflict

'Als je naar groepen vrouwen kijkt, zul je zien dat zij elkaar soms plagen als ze iets bespreekbaar willen maken wat ze eigenlijk niet rechtstreeks durven te vragen', zegt Vandekerckhove. ‘Vrouwen die van een vriendin willen weten of ze al seks heeft gehad met haar nieuwe partner zullen bijvoorbeeld grappen over de preutsheid van de vriendin in kwestie om zo een reactie los te weken.’

Mannen zijn een stuk competitiever in hun taalgebruik. Vandekerckhove: 'Ze willen elkaar graag verbaal overtreffen en gaan vaak een soort ritueel verbaal conflict met elkaar aan. Daarom gebruiken ze over het algemeen sterkere woorden dan vrouwen. Om diezelfde reden zijn mannen ook meer geneigd om scheldwoorden te gebruiken.'

Hiërarchie

Dat het taalgebruik van mannen competitiever en grover is, komt volgens de taalonderzoeker doordat mannengroepen een stuk hiërarchischer zijn dan vrouwengroepen. 'Een aantal leden van de groep is dominanter dan andere leden. Mannen die sterkere taal gebruiken worden als overheersender ervaren en klimmen daardoor in de hiërarchie.'

Dat mannen sterkere woorden gebruiken om hoger te klimmen in de groep gebeurt niet bewust. Vaak weten ze niet eens dat ze het doen. 'Ze vinden het met name stoer om elkaar met scheldwoorden aan te spreken. Dat taalgebruik wordt niet als beledigend ervaren, het versterkt de vriendschap juist. Als je iemand met een scheldnaam mag aanspreken, dan moet je wel goede vrienden zijn.'

‘Meisjes gebruiken gemiddeld meer strategieën om sociale of emotionele betrokkenheid te signaleren dan jongens.’

Sociaal betrokken

Taal gebruiken om stoer te doen is iets wat Vandekerckhove vooral terugziet bij jongens. In haar research focust ze zich met name op het taalgedrag van tieners. Momenteel doet ze onderzoek naar de contrasten binnen 'computer-mediated communication', communicatie die verloopt via elektronische media. Ze kijkt daarbij vooral naar de manier waarop jongeren via chatdiensten met elkaar communiceren. 'Uit de woorden die tieners tijdens het whatsappen of facebooken gebruiken kun je heel veel afleiden.'

Een van de zaken die Vandekerckhove is opgevallen tijdens haar onderzoek is dat meisjes tijdens het chatten veel meer sociale en emotionele betrokkenheid uitdrukken dan jongens. Bij haar onderzoek let ze onder meer op het voorkomen van versterkers (woorden als 'vet' en 'super') en herhalingen van letters die bewust ingezet worden om iets te benadrukken ('suuuuupercool'). Het zijn beide elementen die tonen dat meisjes een sterke betrokkenheid willen signaleren.

'Als je de aantallen bekijkt, zie je hele duidelijke genderverschillen. Meisjes hanteren significant vaker de strategie van letterherhaling en gebruiken ook meer versterkers dan jongens. En ze zijn ook dol op smilies.'

Dat die betrokkenheid tijdens chatgesprekken bij meisjes meer naar voren komt, wil volgens Vandekerckhove niet zeggen dat jongens helemaal niet meelevend zijn en geen empathie uitdrukken. 'Genderverschillen in taal zijn altijd gradueel. Je kunt niet stellen dat meisjes allemaal betrokken zijn en jongens helemaal niet. Maar wat je wel aan taalgebruik kunt aflezen is dat meisjes gemiddeld meer strategieën gebruiken om sociale of emotionele betrokkenheid te signaleren dan jongens.'

Voortrekkersrol

Het analyseren van het taalgebruik van jongens en meisjes kan nog veel meer interessante conclusies opleveren. Zo ontdekte Vandekerckhove bij eerder onderzoek naar dialectverlies in West-Vlaanderen al dat taalwetenschappers jarenlang ten onrechte dachten dat vrouwen meer vasthouden aan hun dialect dan mannen. 'Vroeger zei men: als je een dialect wil bestuderen, dan moet je daarvoor bij vrouwen zijn. Dat was ook zo, maar nu blijkt dat vrouwen alleen langer aan hun dialect vasthouden als ze weinig buiten de deur komen. Toen vrouwen meer gingen participeren op de arbeidsmarkt bleken zij juist sneller hun dialect in te ruilen voor een nettere variant.'

Volgens Vandekerckhove komt dat doordat vrouwen nieuwe trends in de taal veel sneller oppikken dan mannen. 'Vrouwen zijn linguïstische trendsetters en hebben een voortrekkersrol als het op ontwikkeling van taal aankomt. Vrouwen hebben namelijk een veel hoger statusbewustzijn dan mannen, en dat uit zich in hun taalkeuzes. Door het hogere statusbewustzijn zijn vrouwen gevoeliger voor prestige en zijn ze eerder geneigd hun dialect in te ruilen voor de standaardtaal of met een andere prestigevariëteit.'

‘Mannen vinden het gebruik van dialect stoer en 'nette taal' verwijfd.’

Taalinnovatie

Wat de exacte oorzaak van dat hogere statusbewustzijn is, is niet bekend. Er zijn diverse theorieën, maar geen een van die verklaringen heeft een monopolie op de waarheid. 'Waar mannen veelal worden beoordeeld op wat ze doen, worden vrouwen vaak beoordeeld op hun voorkomen. Taal is daar een onderdeel van. Daarnaast zijn ze ook vandaag nog meer betrokken bij de opvoeding van de kinderen. Mannen vinden het gebruik van dialect stoer en 'nette taal' verwijfd. Ze hebben vaak hechte en meer gesloten netwerken waarbinnen te keurige taal niet wordt geapprecieerd.'

Waarom vrouwen een hoger statusbewustzijn hebben en dus vooraan staan als er een nieuwe ontwikkeling is op taalgebied, is een combinatie van al die factoren. En dat geldt niet alleen voor het loslaten van het dialect. Vandekerckhove: 'Het gebruik van dialect is sterk op zijn retour, maar dat wil niet zeggen dat we alleen maar netter gaan praten. Vlaamse jongens vinden het bijvoorbeeld fijn om wat lokaal dialect te cultiveren. Meisjes doen dat minder, maar houden wel van een portie 'slang' en pikken gretig nieuwigheden op. Taalinnovatie begint in de meeste gevallen bij de vrouw.'

Reinhild Vandekerckhove is hoofddocent Nederlandse Taalkunde - Sociolinguïstiek aan de Universiteit Antwerpen en voorzitter van de Raad voor de Nederlandse Taal en Letteren van de Taalunie.