Editie november 2016

 

1585, de hertog van Parma trekt Antwerpen binnen. De stad is gevallen, een bepalend moment in de geschiedenis van het Nederlands in Vlaanderen.
Rubriek: 

Waarom spreken ze in Vlaanderen Nederlands?

1585, de hertog van Parma trekt Antwerpen binnen. De stad is gevallen, een bepalend moment in de geschiedenis van het Nederlands in Vlaanderen.

De Taalunie ontvangt regelmatig vragen over het Nederlands. In Taalunie:Bericht lichten we er telkens één uit. Deze keer de vraag hoe het komt dat Vlamingen Nederlands zijn gaan spreken.

De vraag: Waarom wordt er in Vlaanderen Nederlands gesproken?

Van: het Davidsfonds, sociaal-cultureel netwerk in België.

Waarom: Tijdens de Week van het Nederlands organiseerde het Davidsfonds in Mechelen een moderne rederijkersbijeenkomst. Naast een poëziewedstrijd en de try-out van een toneelstuk, waren er lezingen over het ontstaan, de spelling en de uitspraak van het Nederlands. Kevin De Coninck, afdelingshoofd Taalbeleid van de Taalunie, schetste in een uitvoerig betoog de geschiedenis die ertoe heeft geleid dat men in Vlaanderen Nederlands spreekt.  

Het antwoord in het kort

Het Nederlands heeft in de Lage Landen een lange geschiedenis. In de vijfde eeuw kwamen in onze regio’s diverse West-Germaanse volkeren wonen. Uit de diverse dialecten die ze spraken, ontwikkelde het Nederlands zich als aparte taal, los van het Engels en het Duits.

In de middeleeuwen was het Nederlands al een bloeiende cultuurtaal, ook in de literatuur. Toen in heel Europa de volkstalen zich gingen ontwikkelen tot standaardtalen, brak in de Lage Landen de Tachtigjarige Oorlog uit (1568 – 1648). Het noorden en het zuiden werden feitelijk van elkaar gescheiden. In het noorden, het huidige Nederland, ontwikkelde het Nederlands zich verder tot een moderne standaardtaal. In het zuiden, het huidige België, werd het Frans dominant als cultuurtaal, ook in de oorspronkelijk Nederlandstalige provinciën, en vond er voor het Nederlands nog geen verdere standaardtaalontwikkeling plaats.

In 1815 werden de Noordelijke en Zuidelijke Nederlanden tijdelijk herenigd in het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden (VKN). Door de grote tegenstellingen tussen het noorden en het zuiden, viel het VKN in 1830 alweer uit elkaar, met name in het hedendaagse Nederland en België. De tijdelijke hereniging zorgde er wel voor dat er ook in België een nieuwe Nederlandstalige elite was ontstaan, die ervoor zou zorgen dat de standaardtaal uit het noorden ook in het zuiden werd overgenomen en er daar geen eigen Vlaamse standaardtaal werd ontwikkeld.

Daarom wordt er vandaag de dag ook in Vlaanderen Nederlands gesproken, en geen eigen Vlaams.